Kernenergie is geen oplossing voor de klimaatswijziging

Geschreven door M. Lievens op woensdag, 17 oktober 2007

De kwestie van de kernenergie is een breekpunt. Binnen de brede linkerzijde (met uitzondering van het Algemeen Christelijk Vakverbond, dat daaroveronduidelijk blijft) is er een grote meerderheid tegen kernenergie. De rechtse partijen, met de adem van de lobby van de grote industrie en elektriciteitssector in hun nek, proberen vast te houden aan kernenergie.
Ook elders in Europa (Verenigd Koninkrijk, Duitsland…) woedt hierover debat, dikwijls links tegen rechts. Vaak wordt kernenergie naar voor geschoven omdat deze vorm van energie zogezegd CO2-neutraal zou zijn, en dus goed voor het klimaat.
Voor ons is echter het duidelijk: kernenergie is géén alternatief. Een aantal argumenten op een rijtje.

1. Kernenergie is helemaal niet CO2-neutraal

Het klopt helemaal niet dat de productie van kernenergie geen broeikasgassen uitstoot. Integendeel zelfs, in elke fase van het proces, vanaf de uraniummijn tot de verwerking van het kernafval, wordt een hoop broeikasgassen uitgestoten. Er is een enorme uitstoot in de ontginning van het uranium, het verschepen ervan naar de industrielanden en de preparatie van dit uranium voor de opwekking van energie.
De uitstoot van broeikasgassen stijgt zelfs naarmate men uranium moet gaan zoeken in steeds moeilijker omstandigheden. Er is de CO2 die wordt gegenereerd door de constructie en het onderhoud van de infrastructuur die nodig is voor de opwekking van kernenergie, en voor de verwijdering van het gebruikte grondstof. En tenslotte is er nog de uitstoot die samenhangt met het transport van afval en de verwerking ervan. In Frankrijk wordt de bijdrage van kernenergie aan de totale CO2-uitstoot op niet minder dan 10 % geschat (1).
Kernenergie zorgt in elk geval voor een pak meer uitstoot van broeikasgassen dan bijvoorbeeld windenergie.

2. Kernenergie is allesbehalve veilig

Remember Tsjernobyl: 400 keer meer radioactief materiaal kwam in de atmosfeer dan door de bom op Hiroshima. 100.000den mensen moesten verhuizen. Miljoenen mensen blijven in de besmette regio leven. Vele duizenden mensen lieten het leven door het ongeluk. Het aantal fatale kankers door Tsjernobyl wordt op 30.000 geschat. Sommige onderzoeken menen dat Tsjernobyl tot 500.000 mensenlevens kostte (2).
Vooral Wit-Rusland kreeg af te rekenen met verhoogde radioactiviteit. Slechts één percent van het grondgebied van het land is vrij van besmetting.
Maar Tsjernobyl staat niet alleen. Er is al een lange lijst incidenten met kernenergie. In 1957 was er brand in één van de reactors in Windscale, Verenigd Koninkrijk. In hetzelfde jaar kwam bij een ongeluk in een Russische opslagplaats voor kernafval een hoop radioactief materiaal vrij, met als resultaat 200 doden. In 1979 was er het bekende incident op Three Mile Island in de VS. Recent nog was er het bericht van radioactieve lekken in Japan…

3. Kernafval is gevaarlijk

De productie van kernenergie zadelt ons op met zwaar giftig materiaal, dat is gekend. Een doorsnee reactor produceert zo’n 25 tot 30 ton verbruikte brandstof per jaar. Er is tot op vandaag geen enkele volstrekt veilige methode voor de behandeling van dit afval. Regelmatig worden we in de media opgeschrikt door verhalen over slecht opgeslagen kernafval, lekken of ontploffingen.
Maar ook bij de extractie en verrijking van uranium wordt radioactief afval geproduceerd. Het belangrijkste nevenproduct van het verrijkingsproces is verarmd uranium, dat vaak wordt gebruikt in antitankwapens…
Uraniummijnen bevinden zich vooral in Australië en Canada. De Olympic Dam uraniummijn in Australië is één van de grootste ter wereld. Om 4000 ton uraniumoxide te produceren per jaar, produceert de mijn 10 miljoen ton radioactief zand. Dagelijks gebruikt de mijn 30 miljoen liter water uit een ondergronds reservoir. Een aantal waterbronnen zijn daardoor al uitgedroogd.

4. Kernenergie brengt het risico van nucleaire proliferatie met zich mee

Kerncentrales werden aanvankelijk gebouwd met het oog op de productie van plutonium voor kernwapens. De energie die vrijkwam, was handig meegenomen. Ondertussen is de technologie voor kernenergie ook naar landen verspreid die geen kernwapens willen of kunnen maken. Maar elk land dat niet helemaal naar de pijpen danst van de VS en een nucleair programma heeft, wordt ervan beschuldigd kernwapens te willen maken.

5. Kernenergie kan niet op basis van de markt alleen

Kerncentrales kosten een fortuin. Private bedrijven durven deze investering nauwelijks alleen aan. Het gros van de kerncentrales is dan ook gebouwd met royale overheidssteun. Dat gebeurt met weinig democratisch debat over wat met onze belastinggelden gebeurt. Ondertussen verdwijnen de gigantische winsten grotendeels in private zakken. Electrabel is niet voor niets een steunpilaar van de multinational Suez.
Een heroriëntatie van de energieproductie naar hernieuwbare energie kost zeker ook een grote som geld. Waarom de publieke middelen niet prioritair hierin steken? De nood om van energiesysteem te veranderen, is dringend. Ondertussen blijven regeringen overal ter wereld onder druk van de lobbies kiezen voor kernenergie.
Kernenergie is geen democratische technologie. Er hangt een grote sfeer van geheimhouding rond. De staat en grote bedrijven spelen dit spel onder één hoedje, zonder democratische inspraak.

6. Kernenergie is geen duurzame oplossing

Net zoals de voorraden van olie en gas, zijn die van uranium eindig. Als we zo verder doen, komt er dus een moment dat de hoeveelheid uranium die nu nog in de bodem zit, opgebruikt zal zijn, en we in de plaats met hopen zwaar toxisch afval zullen zitten.

Wat is dan het alternatief?

De elektriciteitsproductie is vandaag bijzonder inefficiënt en gecentraliseerd.
Men produceert vandaag elektriciteit op een gecentraliseerde wijze in de verschillende soorten centrales op basis van hoge temperaturen, om die elektriciteit vervolgens (met het nodige verlies) te transporteren, en ze uiteindelijk te gebruiken om bijvoorbeeld water op te warmen tot 40 graden.
De elektriciteitsindustrie kiest voor gecentraliseerde productie, om zo beter de controle te kunnen houden. Kiezen voor hernieuwbare energie gaat gepaard met een decentralisering van de productie, waardoor het transportverlies minder is en laat toe verschillende bronnen van energie te gebruiken, aangepast aan de specifieke doelen: warmtekrachtkoppeling bijvoorbeeld voor verwarming.
Er kan gigantisch op energie bespaard worden door evidente ingrepen. Het huizenpark in België is nagenoeg het slechts geïsoleerde van heel West-Europa. Een openbaar initiatief is dringend nodig om voor isolatie te zorgen. Radicaal inzetten op openbaar transport kan de private auto verdringen.
We moeten komaf maken met de just in time-economie en het allesoverheersende wegtransport, ten voordele van meer lokale productie en consumptie (van bijvoorbeeld landbouwproducten).
Er moeten massale publieke investeringen komen in hernieuwbare energie.
Er zijn vier soorten: door wind, golven, zon en getijden. Deze vormen van energie zullen misschien nooit kunnen instaan voor 100 % van de energiebehoeften. Maar ze hebben wel een gigantisch potentieel.
De technologie bestaat, maar de overheid en de privé-bedrijven blijven investeren in kernenergie. Investeren in onderzoek naar hernieuwbare energie zou deze energie zeker en vast nog een stuk goedkoper kunnen maken. Wereldwijd is het aandeel van hernieuwbare energie in de totale elektriciteitsproductie gedaald van 24 % in 1970 naar 13 % vandaag (3)…
Het is nochtans anders mogelijk, zoals onder andere in Zweden, met een plan om in 2020 olievrij te zijn, wordt getoond.
De kostprijs van hernieuwbare energie daalt. Tijd om de dure kernenergie te vervangen.

Geplaatst in In de media